Donderdag 5 maart was het weer tijd voor de Uros Meerkamp Competitie.

Op het programma stonden de 800 meter en Discuswerpen. Een ding waar ik geen aanleg voor heb en tegen de ander zag ik een beetje op. En dan nog de keuzes.. Hoe hard je met een discus moet gooien is geen lastige keus, zo hard als je kan! Bedenk daarbij wel het volgende: ik ben een hardloper, mijn armen zitten aan mijn romp vast maar hebben naast licht inspannende klusjes zoals het voortbewegen van een pen op papier niet echt functionaliteit. In ieder geval niet met het schijnbare gemak van de technische atleten een discus de vergetelheid in werpen. Okay, dus bij dit onderdeel probeer ik me een beetje op de achtergrond te houden. Niet op laten vallen dat dat ene bordje met nummer 6, helemaal vooraan van mij is. Mijn momentje van trots komt als de discus een mooie parabool aflegt en in het gras blijft steken. Dit kan alleen geëvenaard worden bij perfecte techniek.. toch?

De punten moeten dus gepakt worden op de 800 meter. Maar hier is de keuze moeilijker, hoe hard begin ik!? Ik wil er niet na tweehonderd meter achterkomen deze snelheid eigenlijk mijn daadwerkelijke sprint was op deze afstand, om vervolgens nog zeshonderd meter het zuur te moeten voelen koken in je hele lichaam. Daarnaast ben ik ook nog mijn horloge vergeten dus ik zal goed op de klok moeten letten bij het doorkomen.

Lopers, klaar voor de start? Knal. En we zijn weg. De eerste honderd meter gaan zoals verwacht lekker. Ik lig tweede, het tempo van Wim die een stukje voor me loopt ga ik niet halen, dus ik zal het alleen moeten doen. De tweehonderd meter komen en ik loop nog steeds (succes!), bij de vierhonderd meter kijk ik niet meer op de klok en ook de aanmoedigingen van de zijlijn gaan aan mij voorbij. Bij de vijfhonderd meter hoor ik opeens de voetstappen van de persoon achter me, Jorn, maar voor zover ik het kan horen heb ik nog een flinke voorsprong en ik maak me dan ook geen zorgen. Na de zeshonderd meter worden de voetstappen luider! Ik moet nu al gaan versnellen anders is hij me voorbij, de zevenhonderd meter komen en ik ga zo hard als mijn benen nog willen gaan, maar Jorn’s ritmische pas blijft me achtervolgen steeds ietsje luider. En jawel hoor, een paar meter voor de finish gaat hij me voorbij.. Met als gevolg een derde plek op de achthonderd meter voor de sportieve verliezer.

 

Jorn als je dit leest: De eerst volgende training stop ik punaises in je schoen.